Skip to content

Meten

Meten is weten, omdat het de trend zichtbaar maakt. Maar meten is ook vergeten, van al die andere parameters. Dat wordt erger als je ook nog een paar flinke bonussen vastmaakt aan bepaalde uitkomsten. Dan worden die andere parameters misbruikt om die ene parameter van de bonus omhoog te stuwen. Dan krijg je wel wat je hebt gevraagd, maar niet wat je nodig hebt. Meten is vergeten.

Sterker nog, aan meetbare doelen kleven in totaal acht serieuze risico’s, en die worden groter als de bonussen groter worden:

  1. Blindheid. Je kijkt naar een paar parameters en de rest zie je over het hoofd. Alsof je autorijdt zonder naar buiten te kijken en alleen te vertrouwen op je dashboard.
  2. Starheid. Je krijgt wat je hebt gevraagd, maar dat is lang niet altijd wat je nodig hebt. Oude ideeën worden door de tijd ingehaald, maar oude doelstellingen niet. Daar zit een bonus aan vast.
  3. Uitputting. Meten heeft een datum nodig, ik moet mijn doelen halen in een korte periode.  Zonder reserves aan te vullen, en altijd op vol vermogen, want anders haal ik ze niet. Alsof je een goede marathon loopt als je 422 goede 100 meters rent.
  4. Verdeeldheid. Iedereen heeft zijn eigen doelstellingen en die moet je halen, desnoods ten koste van die van je eigen collega’s. Het gaat tenslotte om jouw doelstelling en jouw bonus. Al die eigen plannetjes botsen natuurlijk met elkaar en hoe hoger de bonussen, hoe harder de botsingen.
  5. Onbetrouwbaarheid. Als je succes afhankelijk is van getallen, moeten die getallen de goede kant op, desnoods door ze bij te kleuren, door invloed uit te oefenen op de tellingen.  Dat maakt de getallen, die inzicht geven in je organisatie, steeds onbetrouwbaarder worden.
  6. Gedoofde ambitie. Als je halverwege het jaar je doel hebt gehaald, ben je klaar en als zodra je zeker weet dat te doelstelling niet haalt ook. Dan hoef je eigenliujk niks meer te doen. Terwijl er nog zoveel te doen is.
  7. Gebrek aan leiderschap. De manager kan jou niet meer aanspreken op je resultaten en hij kan je al helemaal niet bijsturen. Zijn moment van sturen heeft hij gehad, het moment dat de doelen werden vastgesteld. Straks, als de nieuwe doelen worden vastgesteld, dan kan hij weer (bij)sturen. Eventjes.
  8. Extra werk. om al die doelstellingen te kunnen meten moeten we heel veel cijfers verzamelen, verwerken en optellen. Om zichtbaar te maken wat iedereen kan zien. Meten is (z)weten.

Meetbare doelen kunnen een onderneming heel erg schaden. Pas op je tellen!

Motivatie

In een heleboel gevallen werken meetbare doelen helemaal niet. Als het werk een beetje ingewikkeld wordt, is geld een heel erg slechte motivator. Dan tellen andere dingen: Autonomie, meesterschap (mastery) en doel. Daniel Pink heeft er prachtig boek over geschreven en daar is weer een prachtig RSA-filmpje van gemaakt: http://bit.ly/bQepg7

SMART

Alles moet altijd SMART, maar dat is lang niet altijd verstandig, SMART heeft namelijk vijf nadelen, voor elke letter één:

  1. Specifiek betekent vooral ook geïsoleerd, de doelstelling wordt in isolatie negestreefd. Liever zou je willen dat alle doelstelling in samenhang worden nagestreefd.
  2. Door een doelstelling meetbaar te maken, vereenvoudig je hem heel erg en hij wordt losgezongen van zijn context. Kwaliteit is nou eenmaal die meetbaar, anders hadden we het wel kwantiteit genoemd. Een doelstelling kan maar beter kwaliteit toetsbaar zijn en richtinggevend.
  3. Acceptabel: Laten we ons al bij voorbaat voegen aan de krachten waarvan we denken dat we er toch niet van kunnen winnen. Kunnen we niet veel beter vaststellen ten koste van welke zwakke partijen ons succes in elk geval niet mag gaan. Doelstellingen zouden maatschappelijk verantwoord moeten zijn. Of moreel…
  4. Realistisch: Laten we de lat vooral niet te hoog leggen, anders halen we straks onze bonus niet. Zo komen we er natuurlijk nooit. Doelstellingen moeten juist ambitieus zijn, opdat we samen het uiterste uit onszelf halen.
  5. Tijdgebonden: We letten alleen maar op de korte termijn. Investeringen vallen buiten de doelstelling, we putten ons uit met korte sprintjes. Beter is juist dat doelstelling tijdloos zijn, zodat het altijd beter kan.

Eigenlijk is SMART suboptimalisatie in vijf dimensies.

Samenhangend, richtinggegevens, toetsbaar, maatschappelijk verantwoord, ambitieus en tijdloos, in heel veel situaties leidt het allemaal tot veel meer succes dan SMART. Kortom, SMART is niet altijd slim, althans de oude variant niet. Laten we vooral niet verkondigen dat SMART niet werkt (“denk niet aan een rose olifant”), maar een nieuw alternatief aanbieden. SMART 1.0 is hopeloos verouderd, in een dynamische en complexe wereld moet een groep doelstellingen SMARTT 2.0 zijn:

  • Samenhangend
  • Moreel aanvaardbaar
  • Ambitieus
  • Richtinggevend
  • Toetsbaar
  • Tijdloos

 Kwaliteit is niet meetbaar. Als kwaliteit meetbaar was geweest, hadden we het wel kwantiteit genoemd. Vrij naar Einstein zou je kunnen zeggen: “De dingen die je kunt tellen, tellen niet en de dingen die tellen, kun je niet tellen”.

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: