Spring naar inhoud

Glazen bolland

totoWel eens geprobeerd de toto in te vullen? Als je drie wedstrijden invult, zijn er maar 27 verschillende mogelijke uitkomsten. En we kennen de kwaliteiten van de teams. Toch zit je er vooral naast. Voorspellen is moeilijk, vooral als het om de toekomst gaat, Yogi Berra zei het al. Je kunt je toekomst maar beter niet afhankelijk maken van die voorspellingen.

Mensen die de toekomst zeggen te kunnen voorspellen, kunnen hier dan ook op een heleboel argwaan rekenen: paragnosten, astrologen, oude vrouwtjes met een glazen bol, het weldenkend deel van de natie moet er weinig van hebben. Eigenlijk is er maar één categorie voorspellers die we serieus nemen, de economen. Dacht ik.

Gisteren zat ik weer een trendverhaal te lezen. Ondertitel: “Wat wordt the next big thing?”. En vervolgens wordt daar ook nog eens een antwoord op gegeven. Geen verrassend antwoord gelukkig (Internet of Things), maar de suggestie is dat je je moet verlaten op toekomstvoorspellingen en dat is misschien nog wel gevaarlijker dan al die veranderingen negeren. Hoe vaak heb je de toto gewonnen?

Veel beter kun je rekening houden met trends (en Internet of Things is een trend) en veel beter kun je je energie er in steken om wendbaar te worden, zodat je op de juiste manier kunt reageren ALS een verandering zich voordoet. Organiseer wendbaarheid, op alle plekken waar je dat wilt hebben. Houd rekening met verandering, maar reken er niet op. Verrekening en misrekening liggen op de loer. Met fatale gevolgen, dat is mijn voorspelling…

 

Bart Stofberg

Meer meningsverschillen!

andere kantVoor wie het in de vakantie heeft gemist. In juli werd bekend dat Nederland in 2013 het op drie na meest innovatieve land ter wereld is. Voor de alfa’s: We zijn dus vierde geworden. Vergeleken met de top 3 steken wij schandalig weinig geld in onderwijs. Maar wij hebben iets anders. Beter dan wie ook kunnen wij onze baas tegenspreken. En dat is van groot belang. In de Sovjetunie van Stalin stond de ontwikkeling van alles bijna helemaal stil. Er was maar één mening, en op daarvan afwijken stonden zware straffen die meestal eindigden in Siberië. Daar veranderde dus nooit wat. Voor verandering heb je meningsverschillen nodig. Iedere verbetering is ooit begonnen met een meningsverschil. Met iemand die vond dat het anders moest. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat ieder meningsverschil leidt tot een verbetering. Het is de kunst om de goede soort meningsverschillen te herkennen en te koesteren. En wat helpt daar nou beter bij dan bazen die zich laten tegenspreken. Die oprecht luisteren en zich afvragen of we deze nieuwe mening moeten koesteren. Die het aandurven op basis van die nieuwe mening hún baas tegen te spreken. Opdat goede ideeën zich kunnen verplaatsen door het bedrijf. Opdat goede ideeën zélf ook weer worden tegengesproken, omdat het altijd beter kan.

We kunnen in West-Europa kiezen uit twee opties: Of we proberen goedkoper te zijn dan China of we proberen beter te zijn. Goedkoper zijn betekent: nog lagere lonen, nog efficiëntere processen, nog meer uitbuiting, nog slechter voor het milieu en de samenleving. Beter zijn betekent: Elkaar waarderen om wat we kunnen, voortdurend verbeteren, inleven in de behoefte van de klant en wendbaar veranderen. In september begint het productieve deel van ons jaar weer. Zullen we elkaar eens flink gaan tegenspreken?

 

Bart Stofberg

Koersvast?

Gaten in de wegEen paar jaar geleden was ik met vakantie in Costa Rica. Prachtig land, overweldigende natuur, maar de wegen waren niet best. Eén en al kuil. Je bleef maar slingeren om in ieder geval de ergste kuilen te vermijden. Na een tijdje word je daar handiger in. Als je niet naar de komende 5 meter kijkt, maar naar de komende 50 meter maak je minder bochten.

Gister schreef ik op Twitter: “Koersvast is wel het stomste dat je kunt zijn. Vraag maar aan de kapitein van de Titanic”. Een collega van me, @MartijnVeldkamp, reageerde: “wispelturig?”. Hij bleek wel van koersvast te houden.

Het hangt natuurlijk echt van je definitie af, en als we nog even naar de weg in Costa Rica kijken, dan is in mijn definitie rijden in een rechte lijn koersvast. Eigenlijk is er niks mis met koersvast, zolang de toekomst maar voorspelbaar is. Je zet de koers uit, er kunnen zich geen verrassingen voordoen, en je volgt je plan. In Costa Rica leidt zo’n aanpak tot een heleboel lekke banden, in het echte leven kan de schade nog wel wat groter zijn. Koersvast is ook een scheepsvaartwoord, daar is de toekomst nou eenmaal veel voorspelbaarder dan op land. Op zo’n ijsberg en het weer na, natuurlijk.

Wispelturig is natuurlijk ook niet het antwoord. Dat is in Costa Rica 5 meter vooruit kijken. Na een tijdje is iedereen misselijk en je krijgt er toch ook nog lekke banden van.

De gulden middenweg is de combinatie van die twee vorige. Niet in de vorm van een compromis, maar door de sterke punten van die twee te combineren. Een comproraak dus: Een duidelijk doel voor ogen en dus een duidelijke richting. Verder kijken dan je neus lang is. Stukjes kiezen waarin je (min of meer! tijdelijk!) koersvast kunt zijn. Maar ook bereid om die koers aan te passen als dat nodig is. Niet koersvast, niet wispelturig. Maar wendbaar, duurzaam wendbaar. Succes is niet de koers volgen, maar het doel halen. Hoe meer gaten in de weg, hoe groter het aantal verrassingen, hoe groter het belang van wendbaarheid. En net als in een auto in Costa Rica kun je wendbaarheid organiseren. Je moet er alleen een beetje op oefenen. En er in geloven.

Bart Stofberg

 

PS       Ik roep al heel erg lang dat wendbaarheid steeds belangrijker wordt. Je zou me in dat opzicht koersvast kunnen noemen. Hmmm.

Hoge kosten door( )belasting

pleisterVandaag een groot artikel in de Volkskrant. Als we allemaal minder snel naar de Eerste Hulp rennen en vaker naar de huisarts, dan scheelt dat een heleboel geld. De tarieven van ziekenhuizen zijn idioot hoog, het plakken van een pleister kost in een ziekenhuis € 165,-. Op pagina 9 staat de clou: Ziekenhuizen berekenen allerlei vaste en incidentele kosten door in de prijs van een behandeling. Als iedereen zijn pleister nu voortaan bij de huisarts laat plakken, dan lopen de ziekenhuizen 21.000 keer € 165,- mis. Dat is bijna 3,5 miljoen euro! Maar de echte kosten van de ziekenhuizen dalen met ongeveer 21.000 keer een pleister, en dat is minder dan € 1000,-! Dat zal er toe leiden dat een heleboel andere tarieven omhoog gaan. Netto besparing: Nog geen duizend euro. En de echte kosten gaan omhoog, want die huisarts kost echt een paar tientjes, die wordt betaald per behandeling.

Precies op dezelfde manier werkt, binnen de meeste organisaties, de doorbelasting van IT. Daar zitten ook allemaal vaste kosten en soms ook incidentele kosten in de tarieven verwerkt en die lokken dan ook regelmatig de verkeerde keuzes uit bij de klanten van IT: De business. Omdat ze besparen op hun IT-kosten en denken dat dan ook de IT-kosten van de organisatie omlaag gaan. Een goede doorbelasting belast de kosten die je veroorzaakt zoveel mogelijk één op één door. De vervuiler betaalt, maar alleen voor de vervuiling die hij veroorzaakt.

Als je de netwerkkosten doorbelast in de prijs van een laptop, kost een laptop voor de business veel meer dan hij voor IT kost. Business krijgt verkeerde informatie en stelt dus onbetrouwbare business cases op. En neemt dus verkeerde beslissingen. Waarom doen we dat? We willen toch transparant zijn? De Raad van Bestuur wil een goed netwerk, laten we de kosten daarvan dan ook doorbelasten aan de Raad van Bestuur. Dan kan die dat zelf doorbelasten aan de rest van het bedrijf. En dan rekenen we voor een laptop de echte kosten van een laptop. De onderneming zal IT er dankbaar voor zijn.

Ik ben bang dat deze blog bijna niet gelezen gaat worden, er staan namelijk cijfers in. En cijfers schrikken af. Precies om die reden hebben we al tientallen jaren krakkemikkige, contra-productieve doorbelasting, die de organisatie op hoge kosten jaagt. Bij ziekenhuizen en bij IT. Doorbelasting van IT, het blijft pleisters plakken.

Bart Stofberg

Het nut van jargon

Rio GrandeIn Nederland hebben we wel 500 woorden voor iets met water erin: beek, sloot, vijver, plas, stroompje, en dus nog veel meer. In Spanje hebben ze wel 300 woorden voor net zo iets, maar dan dat het droog staat. De foto hiernaast is van de Rio Grande, de Grote Rivier. Dat verschil in taalgebruik is handig, in Nederland hebben we op dit gebied hele andere gesprekken dan in Spanje en al die woorden, ons jargon, is nodig als de verschillen tussen die dingen er toe doen. Als we met Spanjaarden praten laten we dat onderscheid varen: “Pas op, iets met water, en jij kan niet zwemmen”.

WaterlandOp dezelfde manier hebben IT-ers hun jargon en nog specifieker hebben bepaalde soorten IT-ers binnen die groep nog een keer hun eigen jargon. Omdat in hun wereld een bepaald onderscheid van belang is en voor de rest van de wereld niet. Jargon is nuttig als het wordt gebruikt waar het voor bedoeld is: Om mensen in een specifieke omgeving doelmatig met elkaar te laten praten. Jargon is gevaarlijk als je het gebruikt als je praat met mensen die niet uit dat milieu komen. Dat een Spanjaard in een rondvaartboot zit, wil niet zeggen dat hij ineens het verschil tussen sloot en beek snapt. Dat iemand thuis een PC heeft, wil niet zeggen dat hij snapt wat http is.
Wees je bewust van het milieu waarin je jouw jargon wel kunt gebruiken. Koester dat jargon, vooral ook door het op een heleboel momenten niet te gebruiken. Jargon is vaktaal, die je spreekt als je met vakmensen onder elkaar bent. Met alle anderen spreek je in het Nederlands.

Bart Stofberg

Het scheermes van Janis Joplin

Janis JoplinJanis Joplin is een zangeres uit de jaren 60. Ze zong ooit in “Me and Bobby McGee”: Freedom is just another word for nothing left to lose. Vrijheid is niet zo fijn en begeerlijk als menig liberaal suggereert. Verworvenheden (een baan, een relatie, kinderen, een mooie auto, …) gaan ten koste van je vrijheid. Als je die verworvenheden tenminste wilt behouden. Daar mag best wat vrijheidsverlies tegen overstaan. Als de verworvenheden maar ruim opwegen tegen de beperkingen. Zo’n verworvenheid mag ook een nog te verwerven verworvenheid zijn, zie alle inspanningen die Epke Zonderland zich heeft getroost voor zijn Olympische medaille.

Als je de opmerking van Janis Joplin omdraait, staat er: Als iets ten koste gaat van mijn vrijheid, dan kan daar maar beter een hele beste verworvenheid tegenover staan. Zo beschouwd is een bureaucratie een organisatie waar veel regels gelden waar onvoldoende verworvenheden tegen overstaan. Al die regels maken de organisatie star. Ze voorkomen dat de organisatie in staat is om snel te reageren op veranderingen en ze zijn dus een belangrijke belemmering voor de wendbaarheid van de organisatie. Het scheermes van Janis Joplin: je regel voor regel afvragen welke verworvenheid er mee gebaat is en of dat die vrijheidsbeperking wel waard is. Als dat niet het geval is, mag de regel meteen weg. Het scheermes van Janis Joplin is een belangrijke stap naar wendbaarheid.

(Naar aanleiding van reacties op de vorige blog, deze oude nog maar even van stal gehaald. Ik heb geen bezwaar tegen regels, maar ik heb grote bezwaren tegen te veel regels. In de regel (!) zou ik willen zeggen: Als je kunt glimlachen om de vorige blog, ben je op de goede weg, als je boos wordt, ben je verkeerd bezig, dan is het tijd voor het scheermes van Janis Joplin!)

Ontregelende regels

SlakVroeger, toen ik jong was, deden ambtenaren nog wel eens stiptheidsacties. Dan gingen ze allemaal stipt volgens de regels werken, en dan liep alles vast. Later werden die regels losser, en toen deed de truc het niet meer.

Ik moest daaraan denken toen ik, op weg naar één van mijn opdrachtgevers, over een dijkje reed waar je maar 50 mocht. Ik ben braaf en doe dat gedwee, maar dat vond echt iedereen achter me verschrikkelijke onzin. Het ongeduld achter me was groot. Wat was nou het nut van mijn 50 rijden, anders dan dat ik me aan de regels hield?

We leven in tijden van grote verandering. De dynamiek en de complexiteit om ons heen nemen elke dag toe. Dan moet je wel heel erg wendbaar zijn, want anders heb je de keus tussen stilstaan en brokken maken. Maar al die verandering maakt ook onzeker, en dan ga je zekeren, je gaat dingen vastmaken. In regels bijvoorbeeld. Een slak die remt in de bocht. Voor de zekerheid. We moeten wendbaar zijn, maar we worden het steeds minder. Nog even en we dwingen onze eigen stiptheidacties af. Met dank aan kwaliteitscontrole, risk management, compliance, de procesjongens en onzekere managers.

Bart Stofberg

Verbaas je vooral ook over jezelf

De vorige blog had als onderwerp: “Blijf je verbazen, anders word je één van hen”. Wie zich verbaast over de wereld, krijgt er nuance, blikwisseling en inzicht voor terug, stuk voor stuk zeer de moeite waard. Je wordt er volwassener, wijzer en soevereiner van. Doen dus, je verbazen over de wereld. Maar durf je ook nòg een stapje verder te gaan, door je te verbazen over jezelf?

Moet je je voorstellen dat je met een combinatie van verbazing en geamuseerdheid naar jezelf kunt kijken. Als je met ergernis of vanuit slachtofferschap naar jezelf kijkt, maak je jezelf kleiner dan je bent, dat is niet goed. Met mate kritisch naar jezelf of trots op jezelf: Goed zo, je kunt misschien wel eerlijk naar jezelf kijken. Misschien ben je wel goed in balans. Maar als je met oprechte verbazing naar je jezelf kunt kijken, stijg je boven jezelf uit. Dan kun je jezelf echt goed bekijken: Onafhankelijk, lankmoedig en geamuseerd. En net zoals je met verbazing naar anderen kijkt, dan zie je meer. Nuance, blikwisseling en inzicht, maar nu in jezelf. Tel uit je winst!

Met verbazing naar jezelf kijken is als een gesprek met Wim, het zorgt er voor dat je andere dingen ziet. Elke keer weer, van jezelf. Via nuance, blikwisseling en inzicht staan verbazing en geamuseerdheid over jezelf aan de basis van verrassende inzichten in jezelf. Als je om jezelf kan lachen, voorkom je ook nog eens dat anderen het doen.

Nuance, blikwisseling en inzicht, verbazing is een scheppende bezigheid, al helemaal als je die loslaat op jezelf. Je leven wordt lichter en je ontwikkelt jezelf spelenderwijs. Blijf je verbazen over jezelf, anders blijf je wie je bent.

Durf naar jezelf te kijken zonder ergernis, zonder ongepaste trots, maar met oprechte verbazing. Je wordt er zoveel beter van, dat je jezelf vanzelf meer verbaast.

Bart Stofberg

 

Blijf je verbazen

blikwisseling3Bij één van mijn opdrachtgevers staat op het whiteboard: “Blijf je verbazen, anders word je één van hen”. Dat gaat over een goede vriend van me, Wim, die met een prachtige combinatie van verbazing en geamuseerdheid naar de wereld kijkt. Als je met ergernis of vanuit slachtofferschap kijkt, plaats je je onder de ander, dan maak je je afhankelijk. Leedvermaak of jaloezie: je gaat de competitie aan, je plaats je tegenover de ander. Maar met oprechte verbazing plaats je jezelf een beetje boven de ander. Onafhankelijk, een beetje onkwetsbaar en lankmoedig. En zoals wel vaker vanuit een hoger standpunt, dan zie je meer. Nuance, blikwisseling en inzicht, dat zijn de belangrijkste producten van verbazing.

Laatst lag Wim in het ziekenhuis, en toen kwamen de doctoren langs om zijn situatie te bespreken. Wim stapte uit bed. “daar houden ze niet van, een gelijkwaardig gesprek”. Oprechte verbazing, een beetje geamuseerd. Juist daarom is een gesprek met Wim zo mooi, het doet mij anders naar de wereld kijken. Elke keer weer. Via nuance, blikwisseling en inzicht staan verbazing en geamuseerdheid aan de basis van een stroom aan nieuwe ideeën en verrassende inzichten. Bij hem en bij mij.

Nuance, blikwisseling en inzicht, verbazing is een scheppende bezigheid. Het leven wordt lichter en jij wordt creatiever en origineler. Het houd je buiten de kudde, de volgers en de eenvormigen, het voorkomt daadwerkelijk dat je “één van hen” wordt. Onafhankelijk, een tikkeltje eigenzinnig, maar vooral heel eigen. Je maakt er een onvergetelijke indruk mee.

Laten we allemaal onze ergernis, ons leedvermaak, onze jaloezie maar ook onze desinteresse vervangen door oprechte verbazing. De wereld wordt er beter van, maar nog meer, ieder van ons wordt er beter van. Verbazingwekkend, hè?

Bart Stofberg

Strategy Operations Alignment

De meesten kennen wel het negenvlaksmodel: Drie horizontale lagen: Strategie – Tactiek – Operatie, natuurlijk met verschillende namen, en drie vertikale kolommen: Business – Informatie – IT, of zoiets, want ook hier zijn varianten.

Negenvlaksmodel

De horizontale samenwerking noemen we tegenwoordig business IT alignment en dat is een raar woord. Die twee moeten toch samenwerken, dat heet toch geen alignment? In een voetbalelftal heb je toch ook geen linksachter linksvoor alignment? Ga samenwerken en maak het niet zo ingewikkeld, zou je ze willen toeroepen.

Maar het gekke is, waar wel alignment nodig is, daar hoor je nooit over: Vertikaal. Je zou toch willen dat de operatie in lijn is met de strategie? Dat de strategie op de hoogte is van de (on)mogelijkheden van de operatie en daar rekening mee houdt? Dat de middelste laag er voor zorgt dat dat allemaal vanzelfsprekend is? Want wees eerlijk, dat kan best nog een beetje beter. Eigenlijk is dat veel harder nodig dan business IT alignment. Zullen we dàt dan eens goed gaan doen dit jaar: Strategy Operations Alignment. En ongetwijfeld staat er in de strategie iets over de samenwerking tussen business en IT en ongetwijfeld wordt die samenwerking daarna ook operationeel vormgegeven. Laten we Strategy Operations Alignment gaan doen, dan gaat die samenwerking tussen business en IT vanzelf goed.

Bart Stofberg